'Lopen is geen sport, maar een manier van reizen, waarbij geest en lichaam zich voortdurend verplaatsen. Lopen is daarom kunst en geen middel ter bestrijding van welvaartskwaaltjes.'
Jan Knippenberg
- marathon 3:33:50
- 50 km 4:45:40
- 6 uur 64,137km
- 100 km 10:54:36

| ma | di | wo | do | vr | za | zo |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
| 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 |
| 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 |
| 22 | 23 | 24 | 25 | 26 | 27 | 28 |
'Lopen is geen sport, maar een manier van reizen, waarbij geest en lichaam zich voortdurend verplaatsen. Lopen is daarom kunst en geen middel ter bestrijding van welvaartskwaaltjes.'
Jan Knippenberg
Dertien dagen rust had ik hem gegund, die onwillige kuitspier. Vorige week donderdag mochten de loopschoenen weer aan: een rustig duurloopje van 40 minuten. Bevindingen: tamelijk hoge hartslag bij vrij lage inspanning, maar géén pijntjes. Langzaam begon ik te hopen dat ik toch op bescheiden wijze zou kunnen deelnemen aan het jaarlijkse Daventria-trainingsweekend. Vrijdag zou ik beter nog voor mezelf lopen, maar wellicht zou ik de duurloop op zaterdag kunnen meedoen en de kleine lange duurloop op zondagochtend.
De wilde plannen voor de Midwinter Marathon had ik al lang uit mijn hoofd gezet. Het zou al heel wat zijn als ik tegen die tijd de marathon-afstand zou kunnen volbrengen! Op woensdag had ik nog een mailtje gekregen van PR-man Frank Stol met een uitnodiging voor de traditionele pers- en sponsorbijeenkomst op de dinsdagavond vóór de MWM. "Ik zie op je site dat je de Midwinter gaat lopen maar of je ingeschreven hebt kan ik niet zo snel terugvinden. Er zijn meerdere 'de Vries' in Deventer die zich ingeschreven hebben", schreef hij. Ik had me toch ingeschreven? Even controleren ... en verdraaid, dat had ik inderdaad nog niet gedaan. Dat zou de nodige stress hebben opgeleverd op 28-2. Lakoniek je startnummer gaan ophalen, een uur voor de start, en dan ontdekken dat je ten onrechte in de veronderstelling leefde ingeschreven te zijn!
De duurloop op vrijdag kreeg een dramatisch einde. 58 minuten lang voelde ik me herboren als loper, totdat op 200 meter van huis met een mes in mijn kuit werd gestoken. Precies op dezelfde plek als 2 weken ervoor: halverwege de rechterkuit, buitenkant achter. Ik strompelde gedesillusioneerd naar huis. Daar ging mijn MWM en waarschijnlijk het grootste deel van het voorseizoen ...
Door me toch nog even onder mijn clubgenoten te mengen die zaterdagmiddag mochten trainen in het Omnisportcentrum te Apeldoorn, een hapje mee te eten in de Stay Okay aldaar en 's avonds nog een paar biertjes mee te drinken, kon een zware geestelijke depressie worden voorkomen. Alle drieëndertig meelevende amateur-psychotherapeuten van Daventria: bedankt voor de gezelligheid!
Inmiddels heeft mijn sportmasseur gisteravond kunnen vaststellen dat het eerder een hardnekkige knoop is dan een spierscheuring. Maar voorzichtig opbouwen is nu geboden, anders gebeurt er hetzelfde. Hij raadde me aan te gaan fietsen om de conditie te behouden (lekker, onder deze weersomstandigheden!) en pas aanstaande vrijdag twee maal een kwartier te lopen met tussendoor wat wandelen. Ik heb me er maar mee verzoend en me voorlopig geen enkel doel gesteld in termen van mijn loopagenda. Eind april, begin mei bekijk ik wel waartoe ik in staat ben. Misschien kan ik nog een leuke loop meepikken in het voorseizoen, maar van leuke loopplannen kan waarschijnlijk pas weer sprake zijn na de zomervakantie.
Tja, natuurlijk heb ik veel nagedacht over mogelijke oorzaken. Eén ding is zeker, het is niet alleen maar een plaatselijk ongemak. De afgelopen maanden hebben de benen eigenlijk nooit echt goed gevoeld. Stijf en stram. Vaak zeurende hamstrings, pijnlijke heupgewrichten, gevoelige achillessen.
Algehele overbelasting? Teveel getraind? Niet aannemelijk: het weekgemiddelde is niet veel hoger dan anders geweest en van veel zwaardere weken in het verleden heb ik nooit zó erg last van gehad. Ook mijn rustpols wijst niet op overbelasting.
Nieuwe inlegzooltjes met ondersteuning in de holte van de voet, sinds 5 november. Deze zooltjes waren juist bedoeld om zenuwbeknelling in bal van de voet te verminderen. Maar op zich een mogelijke oorzaak. Straks maar eens een korte periode uitproberen zonder zooltjes. Misschien zelfs eens het blote-voetenpad betreden?
Verder ben ik een nieuw type schoenen gaan dragen omdat mijn oude type Brooks verdween. Ook heb ik in de winter een tijdje uitsluitend op mijn Cascadia trailschoenen gelopen. Normaal loop ik om de dag weer op een ander paar schoenen. In elk geval wel een factor om eens nader te (laten) onderzoeken.
Baantraining en snelheidswerk? Inderdaad een voor de hand liggende risicofactor, maar juist toen mijn kuit de eerste keer opspeelde had ik al een paar weken geen baantraining gedaan. Ook deze "verdachte" kan dus worden afgevoerd.
Verandering van loopstijl? Van zware haklander ben ik sinds 2007 meer overgegaan op een schuifelpasje. Halverwege 2009 is dit meer een rollende pas geworden, met korter grondcontact. Ik land meer op de gehele voet. Zeker een mogelijke oorzaak, maar het is een zeer geleidelijke verandering geweest, zonder overgangsproblemen. Bovendien loop ik alweer een hele tijd op deze wijze, dus het zou vreemd zijn dat daar nu opeens problemen door ontstaan.
In de procesindustrie is mij geleerd nooit meer dan één variabele tegelijk te veranderen, zei masseur Jan Strijker gisteren. Dus tijdens de lange weg terug hoef ik me niet te vervelen: er valt er genoeg te experimenteren!
Foto: Frans van den Muijsenberg
Nu buiten alles door een dikke laag sneeuw bedekt is, valt op hoe stil het is. Het verkeer ligt stil, de vogels houden zich schuil, het geritsel in bomen en struiken tot zwijgen gebracht. De passen van een enkele loper veroorzaken een knarsend geluid, maar veel lopers zijn er vandaag niet.
Het is zelfs stil op mijn weblog.
De stilte vanaf Tweede Kerstdag tot zaterdag 2 januari laat zich gemakkelijk verklaren. Ruim dertienhonderd autokilometers in twee dagen zijn geen verwennerij voor hamstrings en rug. Maar dan heb je ook wat. Een prachtige tocht voerde ons van Cassis (vlakbij Marseille) langs de Côte d’ Azur tot aan Nice. Wat een afwisseling: charmante vissersplaatsjes, grillige kusten met veel rotsen en heuvels waar dorpen tegenaan geplakt zijn, een kustweg die nu eens door de heuvels slingert met fantastische zeegezichten en dan weer de vorm aanneemt van boulevards langs de stranden, het exhibitionistische Cannes of grootsteedse Nice. Dat alles gelardeerd met enkele bizarre bezienswaardigheden (het kasteel van Henri Clew) en boeiende musea (Henri Matisse en het Musée d’ Art Contemporaine). Dat alles bij zeer aangename temperaturen, met als hoogtepunt een terrasje in de zon in Saint-Tropez, in hemdsmouwen!
Geestelijk geheel verfrist, maar zo stijf als een plank van de terugreis probeer ik zondag 3 januari de training voor de MWM te hervatten met een duurloop van 2,5 uur. Het lopen door de sneeuw blijkt even zwaar als ploegen door het zand tijdens de Zestig van Texel. Gelukkig is er na Olst een groot stuk sneeuwvrij fietspad. Maar dan blijkt de terugweg via de Raalterweg opnieuw besneeuwd. Een koude tegenwind teistert mijn quads. Het duurloopje wordt een survivaltocht. Dan hoor ik lawaai achter me: een tractor op het fietspad. Het blijkt tot mijn grote vreugde een sneeuwschuiver annex zoutstrooier. Even de berm in en dan loop ik fluitend over een schoon fietspad. Op de rotonde slaat de sneeuwschuiver echter linksaf, terwijl ik rechtdoor ga. De moed zinkt me in de schoenen. Na een paar honderd meter hoor ik hem gelukkig weer achter me: de bestuurder had even het fietspad op de rotonde schoongemaakt.
Na ruim drie uur ben ik weer thuis. Gebroken, een lange warme douche als schrale troost. Maar de dagen erop doen de benen zeer. Vanwege de jaarcijfers werk ik de gehele week van ’s ochtends tot ’s avonds, er is geen tijd om mijn weblog bij te werken alleen nog maar om te eten en te trainen. De trainingen in de week van 4 t/m 10 januari gaan allesbehalve soepel. Trainen bij temperaturen onder nul, een snijdende wind en een slecht begaanbare (lees: gevaarlijke weg) bezorgen me weinig loopplezier. Woensdag schiet het tot overmaat van ramp in mijn rechterkuit. Wellicht door een onverhoedse beweging vanwege een gladde ondergrond? Donderdag staak ik mijn training al na tien minuten: lopen is echt te pijnlijk!
Na een aantal dagen rust en een stevige massage afgelopen maandag, gaat het inmiddels iets beter. Vrijdag of zaterdag ga ik weer voorzichtig proberen wat te lopen. Ondertussen is mijn trainingsachterstand voor de MWM opgelopen en het ziet er niet naar uit dat de weersomstandigheden snel gaan veranderen. Stilte dus ook op het trainingsfront!
Het gevolg van dit alles is dat ik inmiddels mijn ambities voor 21 februari heb laten varen. Mijn PR-poging dan maar in Enschede?
Lopen in de sneeuw, vooral als je het geluk hebt dat nog niemand je is voorgegaan: een metafoor voor de jaarwisseling die ons wacht. Achter je de sporen die je hebt nagelaten, voor je een ongerepte toekomst.
2009 was een grillig loopjaar, vol bergen en dalen. Letterlijk vanwege een aantal fraaie landschapslopen; figuurlijk omdat intensieve trainingsweken werden gevolgd door perioden waarin weinig kilometers werden gemaakt door werkdruk, blessures of gebrek aan loophonger. 2.843 kilometer werd afgelegd tijdens trainingen en wedstrijden, waardoor 2009 iets achter blijft bij 2007 (3.032 km) en 2008 (2.964 km). Met de 9 (ultra)marathons van 2009 komt de 50e in zicht.
In 2009 voltooide ik 4 marathons: Midwinter Marathon, St. Valentijns Marathon, Monschau Marathon en Landgoed Twente Marathon. Van deze vier was ik het snelst in Apeldoorn (3:44:30), echter ruim boven mijn PR. Verder vermelden de statistieken 5 ultralopen: Zes Uursloop Stein, De Zestig van Texel, De 50 van Assen, de Herfstdagtocht Berg en Dal en de Georgsmarienhütter Null. Op nummer één staat de Null Lauf vanwege het unieke karakter van de tocht, de prachtige omgeving, het prettige gezelschap en de goede prestatie. Over de andere tochten heb ik gemengde gevoelens. In Stein lag ik op PR-koers, maar stak een sanitaire stop een spaak in het wiel. Toch liep ik vervolgens redelijk ontspannen nog een flink aantal kilometers. Texel blijft een uniek parcours. Het ging veel beter dan de editie ervoor, maar het eind was moeizaam. In Assen was ik hekkesluiter, maar haalde de finish op karakter toen het lichaam eigenlijk niet meer wilde. En ook tijdens Berg en Dal gooide ik al bijna de handdoek in de ring, haakte aan bij een groepje dat me er doorheen trok en werd het toch nog leuk - en zelfs iets sneller dan het jaar ervoor.
En er werd in 2009 zelfs een PR verbeterd! Knarsetandend moet ik als langeafstandsloper echter melden dat dat een 5 km-wedstrijd op de baan betrof. Ook waagde ik me twee maal aan een 10 km-wedstrijd, wat voor herhaling vatbaar is.
Erg gelukkig ben ik met het nieuwe trainingsregiem bij Daventria. Trainer Ed van Beek - die niet genoeg geprezen kan worden! - voorziet zijn groep maandelijks van een doortimmerd schema, zodat nu alle trainingen op elkaar afgestemd zijn en toewerken naar een select aantal wedstrijden. Het complete schema wordt niet door iedereen gevolgd, maar als mijn werk het toelaat onderwerp ik me graag aan de twee wekelijkse baantrainingen, twee of drie individueel uitgevoerde duurlopen en één lange duurloop. Hoe belangrijk de laatste trainingsbouwsteen is, heb ik dit jaar door schade en schande mogen ervaren! Het relatieve gemak waarmee de Null Lauf werd gelopen is mede te danken aan het in ere herstellen van deze weekend-traditie. En daarnaast stond ik fitter dan ooit aan de start, omdat ik het advies had opgevolgd om niet meer dan eens per 8 weken een zware (ultra)marathon te lopen.
Tenslotte nog iets over de ongerepte toekomst. Voorlopig zijn alle kaarten gezet op een fraaie eindtijd in de Midwinter Marathon op 21 februari 2010. Als onderweg blijkt dat dat er niet in zit, schakel ik een tandje terug en spaar ik mijn krachten voor De Zes Uur van Stein. Wordt Apeldoorn een succes, dan degradeert Stein tot een veredelde trainingsloop en ga ik waarschijnlijk voor een goede prestatie in Steenbergen. Voorlopig ligt er dus een mysterieus laagje sneeuw over mijn loopplannen voor 2010.
De Aanloop naar Apeldoorn verloopt overigens niet optimaal. Vorige week zat ik na twee drukke werkdagen (looptraining niet mogelijk) naast iemand in de auto die continu zat te hoesten en proesten. En jawel hoor, donderdag had ik een barstende koppijn en benen vol pap. Het weektotaal bleef steken op 10,9 kilometer. Afgelopen maandag voelde ik me weer een stuk beter. Morgen staat er na mijn lange duurloop 63,5 kilometer op de weekteller. Maar daar blijft het dan bij. Want op 2e Kerstdag vertrekken we met onze camper om de rest van de Kerstvakantie door te brengen aan de Côte d'Azur, waar het overdag momenteel 14 tot 16 graden is. Van hardlopen zal dan negen dagen lang geen sprake zijn. Op 4 januari pak ik de draad weer op, mentaal herboren maar met nog slechts zeven weken te gaan om ook fysiek klaar te zijn voor een PR-poging op dit zware parcours!
Beste loopvrienden, ik zal aan jullie denken in het Zuiden. Volgens de huidige voorspellingen wellicht in de regen, maar (zij het met jas aan) misschien ook wel op een terrasje in de zon. Ik wens iedereen daarom alvast een goedlopend 2010!!
Trots houdt Martin zijn oorkonde omhoog. Zijn eerste Null Lauf (50 km) is volbracht. Op de foto zijn de gele en rode hesjes te zien die je kunt verdienen met je 5e resp. 10e deelname. Martin wordt geëerd vanwege het feit dat hij de 50e Nederlander is die ooit aan deze landschapsloop heeft deelgenomen! De 50e unieke deelnemer wel te verstaan want alleen al bij deze 45e editie telden we elf Nederlanders. Voor mijzelf was het de tweede keer: in 2008 liep ik hier een lange (ver)dwaaltocht met de nodige extra kilometers. Na 6:09:54 waren mijn reisgenoten destijds toch langzamerhand behoorlijk ongerust aan het worden.
Deze editie is mij heel wat beter bevallen dan de voorgaande. Om te beginnen werd ik de gehele tocht vergezeld door de sympathieke en lichtvoetige Petra, die op bovenstaande foto één van de vele steile hellingen op danst. Hellingen waren er genoeg en ook veel modder. De regenbuien van de afgelopen weken hadden hun sporen nagelaten. Gelukkig was er af en toe weer wat asfalt om op adem te komen, want de zuigende modder maakte deze 45e Null Lauf tot een loodzware onderneming! Gelukkig woei de wind op de open vlakten niet al te stevig en was vooral niet te koud. En gelukkig zagen we regelmatig andere groepjes lopers, zodat ik niet - zoals in 2008 - kilometers lang het gevoel had alleen op de wereld te zijn.
Null problemen dus? Helaas verliep niet alles op rolletjes. Om te beginnen moest Ronald - die als chauffeur weer voortreffelijk werk verrichte en via een listig uitgezet parcours langs twee carpoolplaatsen drie medelopers ophaalde - al na 13 kilometer de handdoek in de ring gooien vanwege een opspelende kuitblessure. Sterkte met het herstel!
Vervolgens herkende ik het punt waarop ik vorig jaar was fout gelopen en sloeg triomfantelijk linksaf het weiland in, zoals stond aangegeven. Helaas: dit jaar werd hier een nieuwe route gevolgd waarbij we juist rechtdoor hadden gemoeten. Toch weer fout gelopen! Gelukkig werd ons met armgebaren en geschreeuw door enkele lopers de goede weg gewezen.
Een half uur ervoor was ik nog goed weggekomen: ik gleed uit, verloor mijn evenwicht en viel struikelend naar voren, met wild molenwiekende armen, terwijl voor me een grote diepe plas modderwater opdoemde. Gelukkig hervond ik net op tijd mijn balans. Maar even later had ik minder geluk: volkomen onverwacht struikelde ik over een maisstoppel, waarna ik plat op de grond kwakte en een flinke snee in mijn kaak opliep. Wie goed kijkt, bespeurt op onderstaande foto met Martin nog het bloed in mijn hals, maar tegelijk is duidelijk dat mijn humeur er niet echt onder leed.
Nadat Petra en ik bij de drankpost op het 43 km-punt Martin achterop waren gelopen, legden we gedrieën de laatste kilometers af en arriveerden na 5:21:13 weer bij de sporthal in Kloster Oesede waar we gestart waren.
Zeer tevreden kijk ik terug op deze prachtige loopdag. Het was gezellig, ik heb genoten van de omgeving en bovenal lekker ontspannen gelopen. Geen slechte tijd gezien de omstandigheden en ruim 48 minuten sneller dan vorig jaar (weliswaar nu 1620 meter minder afgelegd). Een mooie afsluiting van het loopjaar 2009!
Curro, ergo sum! schrijft ultraloper Jan van de Erve deze week op zijn weblog, met een knipoog naar de bekende stelling van Descartes. Een gevat antwoord waarmee hij de irritante, agogisch geschoolde cursusleider subiet monddood gemaakt zou hebben die een hardlopende cursist ooit vroeg "Waarvan loop jij eigenlijk weg?"
De vraag zou natuurlijk ook hebben kunnen luiden: "Waar wil je eigenlijk terecht komen?". Maar voor veel lopers doet dat doel er helemaal niet toe. Sterker nog, vaak lopen wij niet eens van A naar B, maar slechts van A naar A. Zelf zou ik Descartes' motto dus veranderd hebben in: Ik ben onderweg, dus ik besta.
Met het Latijnse woordgegoochel is snel een bruggetje geslagen naar de vierde Voorleesmiddag die op zondagmiddag 28 februari 2010 zal worden gehouden in de Latijnse School aan het Grote Kerkhof te Deventer.
De Latijnse school was vóór de 19e eeuw een in heel Europa wijd verbreid schooltype, dat leerlingen voorbereidde op de universiteit. Dat betrof dan wel uitsluitend jongens, die overwegend afkomstig waren uit de hogere en middenklasse. Destijds was het Latijn de taal van de wetenschap en zelfs de colleges op universiteiten werden in deze taal gegeven. Kennis van het Latijn was essentieel voor eenieder die hogere studies wilde verrichten. Het lesprogramma van de Latijnse school bestond grotendeels uit Latijn. Andere vakken waren van marginale betekenis. Een leerling sloot de Latijnse school af met een schoolexamen, de zogeheten promotie die toegang gaf tot de universiteit. De Latijnse School in Deventer stamt uit de 14e eeuw. In 1619 telde de school nog 120 leerlingen, maar in de jaren daarna zou het aantal alleen maar dalen. Met als dieptepunt 1839 toen de school nog slechts 6 leerlingen had.
Veel later bekend geworden humanisten hebben hun schooljaren op de Latijnse school in Deventer doorgebracht. Tijdens de restauratie van het pand in 1991 zijn enkele daarvan in medaillons aan de gevel vereeuwigd: Geert Groote, rector Alexander Hegius, Thomas a Kempis en de latere, enige Nederlandse paus Adrianus VI. De bekendste oud-leerling is zonder twijfel Desiderius Erasmus, die in het raam boven de voordeur is afgebeeld.
De Voorleesmiddag duurt van 13.30 tot 17.00 uur. Reserveren is verplicht, aangezien de Galeriezaal plaats biedt aan maximaal 60 toehoorders. Vanaf 7 januari zijn kaarten à € 7,50 te bestellen via de website van Uitgeverij Lopende Zaken.
Organisatoren Eric & Erik treden wederom op als gastheren. We hebben al veel voorpret beleefd aan het selecteren en uitnodigen van de schrijvende lopers die zullen voorlezen uit eigen werk: vier newbees, vier oudgedienden. Martine Hofstede gaf al eens eerder acte de présence. Zij is met drie schrijfsels vertegenwoordigd in het recent verschenen boek met verhalen van uitgezonden militairen (Task Force Uruzgan), maar schrijft ook met passie over haar meerdaagse bergtochten en over de CCC. Léonie van den Haak, een klein blond meisje met een groot hart en ultra ambities, maakt haar voorleesdebuut. Beide dames verklapten reeds op hun weblogs dat zij er naar uitzien om in februari naar Deventer te komen. Ook nieuw zijn Erwin van Diemen, bekend van zijn hilarische columns op de website Losse Veter, en Theo Danes die samen met zijn oom Yvo de Wijs prachtige Atletische verzen schreef. Het laatste nieuwe gezicht is van Job van Schaik die vanwege blessureleed de hardloopschoenen moest vervangen door de fiets. Hij schreef onlangs een boek met de geschiedenis van Hardloper Huizenga, de Groningse atleet, die in 1915 het wereldrecord op de marathon verbeterde en in 1916 een wereldrecordtijd liep op de 1500 meter.
De menukaart vermeldt tot slot naast Martine nog drie oude bekenden: Mark de Boer, Ed van Beek en Marc Papanikitas.
Dat wordt weer smullen op 28 februari!
Als een coach het in je programma zet, moet je wel. Bijvoorbeeld Hdl: 60 minuten/ 70 - 75 % max HF of 15 x 800 m /p' 2. Gemotiveerd loop je die twee rondjes: het zal wel ergens goed voor zijn. Hoogstens komt er een kink in de kabel door een vervelend pijntje in je rechter hamstring, zodat het bij tien achthonderdjes blijft. Gelukkig is daar dan nog altijd de onovertroffen Jan Strijker die de ontmoeting met de onwillige hamstring in zijn voordeel beslist. Een knoop van bijna 5 cm doorsnee wordt er vakkundig uitgemasseerd.
Maar wat te doen als je zélf een lange duurloop van 35 km hebt gepland en het onafgebroken regent? Moet het dan ook? De neiging om mezelf voor gek te verklaren is moeilijk te onderdrukken. Zal ik mezelf dan maar ont-moeten? Buienradar.nl laat weten dat het de eerste uren voorlopig niet droog zal worden. Ik kleed me wind- en regendicht en kies een moment waarop het even (?) wat zachter regent. Op naar de IJsselvallei. Ik ben de spoorbrug nog niet over of het begint alweer keihard te regenen. Twee wandelaars in oversized regenpakken zijn de enigen die zich met dit weer buiten wagen.
Op de Wilpse Klei ontmoet ik af en toe nog wat wandelaars. Beide partijen kijken elkaar meewarig aan. In de open polder zorgt de combinatie van onophoudelijke regen en harde tegenwind voor de hoge chill-factor. Mijn handen worden kouder en kouder. Deze ijsklompen krijgen de kliksluiting van mijn rugzakje met moeite open en in de bidon knijpen lukt haast niet. Hoe moet dat zijn bij de Zuiderzee Marathon, vraag ik me af.
Gelukkig kom ik na 15 kilometer wat meer beschut te lopen in het bos bij Klarenbeek. Het wordt zelfs droog! Tot mijn schrik komt op de halfverharde Heideparkweg een terreinwagen in volle vaart aanstuiven door de modder en de 20 centimeter diepe plassen. Vlak voor mij mindert de bestuurder zijn vaart, zodat de schade beperkt blijft tot een gulp inktzwart water over mijn schoen.
Na ongeveer 25 kilometer arriveer ik bij recreatieplas Bussloo. Nog steeds redelijk soepel lopend, hartslag rond 70% HFmax, tempo net geen 10km per uur. In Posterenk opnieuw een bijzondere ontmoeting. Een kleine tractor bestuurd door een jongeman trekt een platte aanhangwagen voort met een losse stapel houten balken onder een groot oranje zeil. Het gaat niet hard, want de klinkerweg is hobbelig. Zijn maat fietst mee. Op de Iordensweg maken ze meer snelheid vanwege het vlakke asfalt. Luid roept de fietser steeds hoeveel auto's geïrriteerd achter de tractor aan moeten sukkelen, omdat inhalen vanwege het drukke verkeer slechts af en toe mogelijk is. Ook wordt gemeld dat het transport de loper weer heeft ingehaald: "We hebben hem bijna!".
Via Twello en De Hoven steek ik opnieuw de spoorbrug over. De teller staat inmiddels op 35 kilometer. Het begint weer te regenen, maar het kan me niet deren. Ik fantaseer over een gebakken ei met ui en gesmolten kaas op een paar lekkere volkoren boterhammen. En over een lekkere warme douche.
Vandaag ben ik mezelf gelukkig niet tegengekomen. Het ging soepel en ontspannen (afgezien van de kou en tegenwind) in een redelijk tempo, zonder één enkele dip. Bij thuiskomst geeft mijn Forerunner 38,20 kilometer aan; tijdsduur 4:00:29; gemiddelde hartslag is 71 % HFmax. Alle waarden ruim beter dan vorige week. De Aanloop naar Apeldoorn kan wat mij betreft a.s. maandag beginnen!
Foto: Erik van Echten
Hoewel ik al mijn kaarten op de Midwinter Marathon zet, speelde ik begin november stiekem met het idee om het zo begeerde succes naar voren te halen en me in te schrijven voor de Zuiderzee Marathon. De nieuwe trainingsopzet sinds 17 augustus geeft langzamerhand weer het goede gevoel in de benen terug.
Maar mijn lange duurloop van 15 november werpt me weer snel terug in de realiteit: ik ben er nog lang niet klaar voor! Slechts 25 kilometers leg ik af, probeer serieus om mijn hartslag op 70% HFmax te houden en ben na afloop hondsmoe. Uiteindelijk bedraagt mijn gemiddelde hartslag helaas toch nog 72%, maar wat erger is: op dit inspanningsniveau kom ik niet verder dan een slakkentempo van 6:29/km. Aangezien de "norm" voor het beoogde M-tempo bij HF gem 70% tussen 5:21 en 5:58 ligt, moet er in de komende tijd dus hard gewerkt worden aan het duurvermogen.
Terugbladerend in mijn LopersLogboek constateer ik beschaamd hoe ik mijn eigen duurvermogen verwaarloosd heb. Vanaf De Zestig van Texel (13 april) staat het lopen vanwege diverse oorzaken even op een lager pitje. Pas op 28 juni vindt er weer een lange duurloop plaats (32,1 km - training Medoc-marathon) en op 5 juli loop ik - vanuit het niets - een hele trage Dè 50km van Assen. Vanaf begin augustus wordt er weer serieus getraind, met de Pruimenloop (20,2 km) als aftrap. Maar met slechts een weekje training blijkt de Monschau Marathon geen makkie. En twee weken trainen daarna (met eindelijk weer eens een lange duurloop van 38,5 km) leggen nog steeds niet voldoende basis: de Osnabrücker Land Marathon wordt een drama, dat na het eerste bedrijf eindigt.
Dan worden de mouwen opgestroopt en volgen zeven weken voorbereiding op Berg en Dal met stevige weektotalen (71,4 - 87,6 - 39,2 - 24,0 - 95,3 - 48,1 - 96,4 km incl. wedstrijd). Maar de statisticus telt slechts een duurloop van 20,3 km en een gezamenlijke duurloop in Hoenderloo (35,1 km). In de twee weken die volgen tot de Twente Landgoed Marathon (24 oktober) zit ook slechts één duurloopje van 21,5 km. En drie weken later stuiten we op de duurloop van 15 november waarmee dit overzichtje begon.
In ruim zes maanden dus een magere oogst van 5 (ultra)marathons en 7 lange duurlopen, waarbij het in 4 van de 12 gevallen slechts gaat om afstanden van ongeveer een halve marathon!
De opppervlakkige lezer zal deze duurverwaarlozing wellicht wijden aan mijn nieuwe trainingsopzet, maar dat is echt een verkeerde conclusie. Om te beginnen is dit nieuwe regiem pas 13 weken van kracht en op het trainingsmenu staat wel degelijk elk weekend een lange duurloop. Maar op de een of andere manier is die in het gedrang geraakt: soms was er door drukke werkzaamheden of familiebeslommeringen gewoon te weinig tijd, andere keren was een trainingsweek van 80 tot 90 km al inspannend genoeg geweest. En daarnaast verkeerde ik in de veronderstelling dat een dergelijk weektotaal op zich al zou bijdragen aan een flink duurvermogen.
Met ingang van afgelopen zondag is een oude traditie in ere hersteld. Ruim dertig kilometer ploeterde ik door weer en wind. Komend weekend staat er 35km op het programma, de week erna nog 30km. De Null Lauf zal moeten uitwijzen of ik daarmee weer op de goede weg ben!
De afgelopen jaren zweerde ik bij mijn Brooks Glycerine 5. Toen die begin vorig jaar uit het assortiment gingen, heb ik via internet nog 2 paar kunnen bemachtigen. Mijn huisleverancier Step One vond de Glycerine 6 namelijk zo slecht dat ze hem niet eens wilden verkopen (en was niet de enige hardloopwinkel die er zo over dacht).
Dit leidde toentertijd tot een stormloop op een alternatief Brooks-model dat daardoor snel uitverkocht raakte: de Defyance (een woordgrapje met een knipoog naar defiance=verzetten, tarten, uitdagen). Daarom zocht ik het - op advies van Step One - maar eens in een andere hoek. Dat noodgedwongen uitstapje naar de Saucony Triumph 6 liep echter uit op een drama. Al na 265 km raakte het hielstuk ingedeukt en was de bovenrand bij de (binnenkant van de) enkel stuk getrapt. Verder zat de schoen ook te los: rechtdoor lopen was geen probleem, maar bij abrupt bochtenwerk schoof ik bijna mijn schoenen uit. Dit kwam doordat maat 48 eigenlijk iets te groot was, maar 47 was duidelijk te klein en een tussenmaat was er niet. En tot slot was het vreemd dat de versiersels op de tong van de schoen bij het knopen van de veters gewoon in de weg zaten en steeds raar verwrongen raakten.
Bij mijn laatste bezoek op 5 november uitte ik mijn teleurstelling over deze schoen. Een klacht kon je het nauwelijks noemen en als aansprakelijkheidsstelling van de schoenenboer was het al helemaal niet bedoeld. Eigenaar Han Vaalt deed echter direct het voorstel om deze schoenen in te nemen en - ondanks de vergaande staat van gebruik - gratis om te ruilen tegen nieuwe Defyance 2. Zo'n service tart elke verwachting! Inmiddels heb ik de schoenen al vier keer gebruikt en er 56 kilometer op afgelegd. De pasvorm heeft meteen iets vertrouwds, je loopt er zo op weg. Van de zilverkleurige kerst-versierselen op de schoen ben ik echter minder gecharmeerd.
De km-stand van mijn allerlaatste paar Brooks Glycerine 5 bedraagt inmiddels 840 km, dus nog slechts 410 te gaan. Tegen die tijd is hopelijk de Glycerine 8 uit. Volgens Han gaat dit weer een prima schoen worden, nadat ook de Glycerine 7 de toets der kritiek niet heeft kunnen doorstaan. Rare koekenbakkers met hun "vernieuwingen", die schoenfabrikanten...
Zondag liep ik voor de vierde keer op rij langs de baan bij de Daventria Centennial, met bergschoenen in plaats van loopschoenen en een fototoestel om mijn nek. Op het tartan waar ik dinsdagavond nog in storm en regen 8 x 1200 meter rende en donderdagavond 9 x 400 meter afwerkte, liepen nu zeventien 100km-lopers en negen 50km-lopers. Marc Papanikitas kon al snel weer naar huis: in 3 uur en 16 minuten was hij klaar met zijn 50 kilometer in een tempo dat ik donderdag nauwelijks een paar minuten kon volhouden. Clubgenoten Arnold en Hans volgden de Belg op eerbiedwaardige afstand, maar desondanks met fraaie tijden. Arnold vestigde een nieuw clubrecord met 3:54:13, Hans verbeterde zijn PR door ruim onder zijn oude 4u12 te blijven.
Het was koud en mistig, waardoor de 100 kilometer-wedstrijd een ietwat mysterieus aanzien kreeg. Voor wie geduld heeft is een wedstrijd over dergelijke afstanden een intrigerend schouwspel. Urenlang valt er weinig te beleven, totdat na 50 of 60 kilometer de gezichten grimmiger gaan worden en de soepele tred verandert in een houterige schuifelpas. Vanuit de mist schudt Moeder Natuur aan de boom en één voor één komen liefst zeven lopers tot voortijdige stilstand. In de laatste 10 kilometer mag de Duitser Jens Allerheiligen zijn gedroomde gouden medaille inruilen voor brons, als eerst de Belg Bart Vonck en even later Arie Fröberg passeren. Aan een negentig kilometer lange achtervolging komt zo een dramatisch eind.
Tussen de veertigers en vjftigers vallen drie lopers op door hun leeftijd. Martin Traeder (19) en Pascale Waterman (20, rechts op de foto) lopen vandaag hun eerste honderd kilometer-wedstrijd. Zuslief (of vriendinnetje) is meegekomen en maakt tussen de bedrijven door haar huiswerk voor Engels. De naam van Martins vereniging, Marathonmania, is veelzeggend maar ultramarathon-mania was nog treffender geweest. Sinds begin juli 2008 zijn beide heren namelijk zwaar besmet met het ultra-virus: binnen 16 maanden liepen ze 3x een 24 uursloop en 3 ultramarathons (52, 69 en 80 km). De resultaten zijn mager, maar worden stapje voor stapje beter. Ook vandaag redden ze het niet binnen de strenge limiet van 11 uur, maar ze stappen vrolijk uit de wedstrijd met een houding van: "Het was leuk en we hebben weer veel geleerd!" Hun enthousiasme is aandoenlijk en het duo heeft vast al weer een mooi programma voor 2010 uitgestippeld.
Aan het andere eind van het leeftijdsspectrum staat de levende legende Horst Preisler (foto, links). Eind 2008 stond de teller van deze 74-jarige loper uit Hamburg op 1254 marathons en 345 ultralopen, en het totaal van 1599 bedraagt inmiddels alweer circa 1650. Preisler heeft zich ingeschreven voor het 50 km-onderdeel. Na een paar kilometer volgt steevast een rondje wandelen, maar na verloop van tijd wordt het aandeel wandelen steeds groter. Hij slaagt er nog net in de winnaar van de 100km voor te blijven. Het is geen vrolijkmakend gezicht om te zien hoe de oude baas zich naar zijn einddoel worstelt. Krom als een landarbeider, een pas die bijna half-struikelend te noemen is, een holle blik in de ogen. Is dit nog een hobby? Het lijkt eerder dwangmatig. Een schril contrast met bijvoorbeeld Willem Mütze, de Limburgse veelloper met zijn aanstekelijke "genieten".
Beste loopvrienden, beloof me één ding: tegen de tijd dat jullie mij zo over baan of weg zien schuifelen, zeg me dan eerlijk dat dit echt niet meer kan. Dat ik gewoon lekker door de natuur moet gaan wandelen. Alleen of met vrienden, kort of lang, met of zonder wandelstok of rollator. Alvast bedankt!
De door mij gemaakte foto's zijn hier te bekijken.
Een beetje lacherig deden we erover. Het zoveelste snufje dat de loper het idee moest geven dat-ie er harder door gaat lopen. Gympies werden peperdure hardloopschoenen, het katoenen shirt werd een dry fit hemd, de hartslagmeter verdrong de wijsvinger aan de halsslagader, de kraan onderweg werd een drinkbelt, de pet een Buff, de vogeltjes en andere omgevingsgeluiden een iPod en de vooraf goed volgesnoten zakdoek een neuspleister. En nu dan de steunkous, van oudsher het redmiddel voor broze bejaarde melkwitte benen met uitpuilende kringelende spataderen.
Maar na diverse positieve verhalen van lopers die ik zeker niet beschouw als naäpers en meelopers, maar als serieuze, weldenkende mensen, sloeg de hilariteit langzaam om in twijfel en nieuwsgierigheid. Weerhield de kostprijs van 42 euro me nog om ze een keer uit te proberen, medio oktober kwamen ze als verjaarscadeautje mijn hardlopersleven binnen. Tubes zijn het geworden, want in mijn maat bleken sokken (met voet) niet in het assortiment voor te komen. Zwarte Herzog tubes maat II werden mij letterlijk en figuurlijk aangemeten.
Ik draag ze nu drie weken en ben er zeer over te spreken! Er zijn twee duidelijk merkbare positieve effecten. Om te beginnen voelen de kuiten na afloop van een training of wedstrijd frisser, minder vermoeid. Van spierpijn is geen - of in zeer beperkte mate - sprake. Het tweede effect is dat de kous kennelijk de beweging van de achilles in goede banen leidt, vergelijkbaar met de werking van een patella-bandje onder de knie. Bij toverslag bleef het vaak pijnlijke nagevoel in mijn linkerkuit al na de eerste keer dragen weg. Daarvoor had ik altijd last van de achilles zelf en de aanhechting ervan aan de spier, diep in de kuit.
Tot nu toe gingen de kousen nog schuil onder mijn tight, alsof ik nog niet uit de kast wilde komen als tubes-drager. Tijdens de 10 km-wedstrijd op de Daventria-baan verschenen ze voor het eerst in de openbaarheid aangezien ik in singlet en korte rode clubbroek gekleed ging. Dit keer brachten ze geen geluk. Afgelopen week had ik een paar dagen wat last van hoofdpijn en verkoudheid. Vandaag dacht ik me iets beter te voelen, maar na 9 rondjes voelde ik me slap als een vaatdoek en ben ik uitgestapt. Jammer, maar ik zoek wel een nieuwe gelegenheid om mezelf te testen. Wel had ik graag gedeeld in de PR-regen die deze zondagochtend neerdaalde over het selecte Daventria-gezelschap op de baan. Van harte proficiat allemaal!